PDF PDF Print

Allerheiligen & Allerzielen

In onze kerk vieren veel parochies het feest van Allerheiligen en Allerzielen op 1 dag. Dat is tot op een paar jaar geleden anders geweest toen beide feesten nog apart op de eigen feestdag, 1 en 2 november werden gevierd.

Waar staan de feestdagen voor

Het feest van Allerheiligen is een feest voor ‘alle heiligen’. Hiermee worden vooral de heiligen bedoeld die geen eigen feestdag hebben en wellicht niet bekend staan als heilig bij de mensen op aarde, maar wel door God beloond zijn door hun voorbeeldige leven op aarde. Samen vormen zij de ontelbare menigte die Johannes beschrijft in het bijbelse boek Openbaringen: ,,Daarna zag ik een grote menigte, die niemand tellen kon, uit alle rassen en stammen en volken en talen." Deze voor eeuwig bij God levenden zijn de bemiddelaars voor de biddende Kerk op aarde en de voorsprekers voor hun nog strijdende en lijdende broeders: voor iedereen die wil leven zoals Jezus het voorgeleefd heeft.
Het feest voor Allerzielen is een gedachtenis aan de overledenen die nog niet in de hemel zijn omdat ze nog niet klaar zijn het eeuwige licht te betreden. De plek waar deze zielen wachten op het eeuwige leven in Gods’ aanschijn wordt ook wel het Vagevuur genoemd. De naam hiervan wordt afgeleid naar het vuur wat reinigt / vervaagt. Op deze feestdag bidden wij voor ‘alle zielen’. 
Hoewel in elke dienst/gebedsmoment kan worden gebeden voor een overledene en zijn komst in de hemel, op Allerzielen werd hier een bijzondere devote dag van gemaakt om te bidden voor het welzijn en de verlossing van overledenen.

Wat is de geschiedenis van wanneer de beide feesten gevierd werden

De geschiedenis van Allerheiligen gaat terug naar het jaar 519. In de kerk van Edessa werd deze feestdag gevierd op 13 mei.  De Oost Syrische kerk vierde dit feest op de zondag na Pasen en Johannes Chrysostomos heeft deze feestdag als afsluiter van de Paastijd neergezet op de eerste zondag na Pinksteren. Deze zondag heeft tegenwoordig de feestdag van de Allerheiligste Drie-eenheid. 
Dat dit feest op 13 mei werd gevierd zou zijn terug te leiden naar de kerkwijding van het Pantheon is Rome. Het gebouw, een overblijfsel uit de Romeinse tijd, was gebouwd ter ere van alle goden. Na de val van het Romeinse rijk maakte de Christenen er een kerk van ter ere van alle martelaren. 
Ierse monniken vierden de dag reeds op 1 November. Dit omdat zij leefden naar de wetten van de natuur en in de maand november de natuur afsterft. Op aandringen van koning Lodewijk de Vrome heeft paus Gregorius IV in het jaar 837 de dag verplaatst naar 1 November.
Tegenwoordig is in veel landen dit een nationale feestdag. In Zweden en Finland viert men Allerheiligen tussen 31 oktober en 6 november, op de eerste zondag die valt.
Nog altijd worden voor deze feestdag, en Allerzielen voornamelijk in het zuiden van het land, maar ook in Belgie, Duitsland en andere oorspronkelijk Katholieke landen de graven en kerkhoven netjes gemaakt.
De feestdag kent geen bijzondere kenmerken voor het vieren.
Ook Allerzielen komt van oorsprong uit de Oosterse kerk. De eerste keer was in het jaar 998 na Chr. in een Benedictijner klooster. Dit werd bedacht door Odilo van Cluny. Sinds de 13e eeuw kreeg het feest de naam Allerzielen.
Dit feest zou gevierd worden op de zaterdag voorafgaand aan de vastentijd. Hiermee zou worden verwezen dat de vastentijd ook bedoeld was de zonden uit te wissen en om vergeving te vragen voor waar vergissingen zijn gemaakt in het leven. De gelovigen wilde op deze manier vragen om ontferming voorafgaand aan hun vasten voor een dierbare overledene.  
De dienst tegenwoordig wordt in de liturgische rouwkleur gevierd. De overledenen worden herdacht met name van het afgelopen jaar, maar ook andere overledenen waarom verzocht wordt door de gelovigen om te bidden.
Niet in alle landen viert men Allerzielen op 2 november. In Duitsland bijvoorbeeld doen ze dit de derde donderdag van november, in Finland de zaterdag voor 6 november. Dit zie je met name in niet oorspronkelijk Katholieke landen.

Mexico

In Mexico zijn beide dagen een groot feest.  Vaak worden er gedenkplaten en altaren bij mensen thuis gemaakt voor de overleden vrienden en familieleden.  Deze worden vaak versierd alsof het een graf zou zijn. Op straat wordt een pad van kaarsjes en bloemblaadjes naar het altaar gelegd, zodat de overleden ziel zijn weg terug kan vinden. 
De avond en nacht worden vaak doorgebracht op het kerkhof. Ze nuttigen daar een feestmaal met taco’s, tortilla’s, kip met chocoladesaus (Mexicaanse lekkernij), snoep, en ‘’pan de muerto’’  (dodenbrood, een soort brood bedenkt met gesuikerde ‘’beenderen’’)
Ook het lievelingseten van de overledenen mag niet ontbreken op het graf en het altaar.  Ze geloven dat de zielen eerst spiritueel van spijs en drank genieten. De nabestaanden mogen het daarna zelf opeten. Er wordt gedanst, gelachen en gefeest.
De dood was voor de Azteken (de voorouders van de Mexicanen) al geen einde, maar een fase van het bestaan. De plaatselijke Katholieke traditie heeft dit mooi weten samen te voegen.

Samengesteld door Niels Ras. Dit artikel is samengesteld met diverse informatie. Deels komt de informatie van de volgende bronnen:

A. van den Akker s.j. (www.heiligen.net)
DeRedactie.be
bisdom-roermond.nl

Website van de Oud-Katholieke Parochie H.H. Anna en Maria te Haarlem. webmaster@michaelmaas.nl